Bijna niet voor te stellen ….

De feiten liegen niet.

Zelfs de statisticus van deze regering, het CPB, voorspelt voor 2014 maar liefst 685.000 werklozen.

Als, zoals deze figuurtjes, elk figuurtje hier 1000 werklozen voorstelt staan hier 18000 werklozen. Om 685.000 van te maken moeten we 37 van deze rijtjes toevoegen. 

Maar laten we niet vergeten dat voor het CPB iedereen die minimaal een uur per week werkt, geen werkeloze is. Die komen in de cijfers van het CPB dus niet voor. Maar inmiddels moeten velen het doen met een klein baantje, oproep werk of flexcontract. Dat is niet het werk waar je van kunt leven.

Men heeft wel werk maar geen volwaardige baan. Dus eigenlijk zijn er veel meer werkelozen. Het CBS rekent zo met 750.000. Als we dat met bovenstaande figuurtjes moeten laten zien, ziet dat er zo uit. Schrik niet!

En vergeet niet: elk figuurtje staat voor 1000 werklozen!

Maar er is niet alleen een probleem met werkloosheid. Er is ook het probleem van onderbetaling. Mensen met een fulltime baan, maar met een parttime loon. Of de ZZP-ers die – nadat ze eerst alle risico’s van de werkgevers op hun eigen schouders hebben genomen – nu door diezelfde werkgevers als eerste aan de kant worden geschoven. Vele duizenden en duizenden mensen die wel werken maar daar niet langer van kunnen leven. Als we hen op een zelfde manier weergeven:

En tot slot. Daar waar ik me uiteindelijk het meeste voor schaam: de armoede onder kinderen. Als we dat het aantal kinderen in armoede in eenzelfde figuur weergeven ziet dat er zo uit:

360.000 kinderen

En ook hier staat elk figuurtje voor 1000 kinderen!

Er moet echt een andere weg zijn, een andere koers. Ik geloof niet in de filosofie dat al deze mensen het eerst nog slechter moeten krijgen om het straks voor iedereen beter te kunnen maken. Waarom zou dat uitgerekend de groepen moeten zijn die het al moeilijk hebben? Ik denk dat het beter werkt als zij die het zich makkelijker kunnen veroorloven ook meer aan het herstel bijdragen. Zo investeren we in Nederland zonder onze samenleving te slopen.

Sta op en help mee. Kom naar BASTA, de Ommezwaai

Basta, nu de ommezwaai

 

18000 werklozen

De Ommezwaai

  

Wij zouden:

  • Als een van de rijkste landen van de wereld;
  • Met al onze technologische kennis;
  • Met al onze verworvenheden en voorzieningen;
  • Met alles wat we eerder met elkaar gepresteerd en geleerd hebben;

nu een toekomst voor ons moeten zien van vrede en geluk voor iedereen.

Maar we zitten met een crisis:

  • die blijft groeien in omvang en steeds meer mensen raakt;
  • waaraan onze verworvenheden en voorzieningen worden opgeofferd;
  • die van mensen louter consumenten en concurrenten maakt;
  • die het onderlinge respect en vertrouwen uit onze samenleving perst.

En ondertussen weet het kabinet het tij niet te keren. Ondanks alle adviezen van deskundigen van het CPB, PBL of CBS, de Sociaal-Economische Raad, de Stichting van de Arbeid, economen, CEO’s, adviseurs, lobbyisten en specialisten, breidt de crisis zich uit en eist een steeds grotere tol.

We tellen inmiddels:

  • ruim 750 faillissementen per maand;
  • meer dan 600.000 werkelozen;
  • ruim 1,1 miljoen mensen die in armoede leven;
  • waarvan 377.000 kinderen.

En daarbij:

  • Staan nog duizenden banen op de tocht;
  • Moeten alleenstaanden met een klein pensioentje het volgens jaar met 1600 euro minder doen;
  • Leveren jonggehandicapten in een instelling bijna 2000 euro in;
  • Verdwijnen verzorgingshuizen en sociale werkplaatsen;
  • Wordt de thuiszorg met 40% gekort;
  • loopt het tekort op de begroting toch gewoon op tot boven de 3 procent, en
  • Dreigt er een tekort bij de Nederlandse gemeenten van 6 miljard!

De feiten liegen er niet om. We lopen steeds verder het economische moeras in. Een moeras waar we met elkaar wel de banken uit moesten redden, maar waarin dit kabinet zijn burgers gewoon kopje onder laten gaan.

We kunnen niet langer wachten, niet langer louter toekijken. We moeten doen wat gedaan moet worden. Als we onze toekomst weer perspectief willen geven, kunnen we het niet overlaten aan dit kabinet. Een eerlijke en menselijke oplossing zullen we zelf moeten afdwingen. We zullen het kabinet moeten laten weten dat we niet kunnen en niet zullen rusten voordat armoede en werkeloosheid krachtig en effectief wordt bestreden.

Als we het willen veranderen zullen we het volstrekt anders moeten gaan doen. Niet een beetje buigen met een oppervlakkig resultaat. Het gaat om een fundamenteel andere aanpak: een echte OMMEZWAAI.

Uit het moeras. Een andere koers met onderling respect, wederzijds vertrouwen en gezamenlijk perspectief. Alleen samen komen we eerlijk uit de crisis. Niet door te bezuinigen op wat we hebben, wie we zijn en waar we voor staan, maar te investeren:

  • Als een van de rijkste landen van de wereld.
  • Met al onze technologische kennis
  • Met al onze verworvenheden en voorzieningen
  • Met alles wat we eerder met elkaar gepresteerd en geleerd hebben,

in een toekomst met vrede en geluk voor iedereen.

Steun de ommezwaai! Doe mee! Deel mee!

Kijk op facebookBasta, nu de ommezwaai

Zaterdag 21 september 13.00 uur Beursplein in Amsterdam.

Ik ben er bij. Jij ook?

 

Sta op en spreek

Mensen moeten van deze regering zelfredzaam worden. Dat is makkelijk gezegd tegen de managers met topsalarissen en vette bonussen, tegen de belastingontduikers, de graaiers en fraudeurs (ook in de zorg), de handige jongens, de lobbyisten en hen met privileges. Maar ook tegen de miljoenen Nederlanders die nog immer gelukkig genieten van de opgebouwde welvaart en voorspoed. Ze hebben werk, zijn actief, vitaal, onafhankelijk en mondig. Die hebben voorlopig geen zorgen over voldoende eten, hun woning, hun financiën of hun zorg. Inderdaad, zij redden zich wel!

Maar er is ook een ander Nederland. Het Nederland van armoede, van werkeloosheid, van ziekte, beperkingen en van eenzaamheid. Maar deze mensen zijn minder zichtbaar, minder mobiel en minder mondig. Voor hen is zelfredzaamheid geen keuze, maar een bittere noodzaak. En juist hen ontnemen we nu dat laatste beetje professionele hulp.

Ik geloof in een samenleving waarin - als het nodig is – iedereen hulp krijgt, iedereen opgevangen wordt en bij ziekte verzorgd wordt. We kunnen dat in een beschaafd land als Nederland niet laten afhangen van de toevallige sociale of financiële situatie waar mensen in verkeren. We willen niet dat zorg een luxe product is. We kunnen het niet laten gebeuren dat mensen die wel zorg nodig hebben, toch af moeten zien van professionele hulp en zorg.

Dit kunnen we alleen keren door onze onvrede te laten horen. We moeten massaal opstaan en onze stem verheffen, juist voor hen die dat zelf niet meer kunnen.

Doe daarom mee en help mee. Meld je aan voor de landelijke manifestatie tegen de zorgplannen op zaterdag 8 juni a.s.. Verandering van de huidige plannen kan alleen wanneer we massaal en dwingend deze nood van onze samenleving onder de aandacht brengen. Een nood, zo massaal uitgesproken, dat de regering deze niet langer kan negeren.

Ik geloof dat het kan. Maar daarbij hebben we iedereen nodig. Alleen zo kunnen we opstaan voor mensen die dat niet meer kunnen. Geven we een stem aan hen die niet gehoord worden en bieden we een toekomst aan hen die de hoop dreigen te verliezen.

Ik houd me vast aan een uitsprak van Martin Luther King: “Iedereen die strijd voor gerechtigheid, kan niet verliezen.”

Tot zaterdag!

p.s.: Wacht niet en Meld je aan

 

De dag die komt …

Ik voel me bevoorrecht deel uit te mogen maken van de SP. Deelgenoot te zijn van het idealisme, enthousiasme en doorzettingsvermogen waarmee strijd wordt geleverd voor een rechtvaardige, eerlijke samenleving. Samen te werken aan een waardige en gelijkwaardige behandeling van alle mensen in solidariteit en saamhorigheid. Ik geloof dat, als meer mensen zouden helpen met deze strijd, we ons land kunnen bevrijden van armoede, uitsluiting en uitbuiting. Dat wij een einde kunnen maken aan de situatie dat verschillen tussen mensen en hun omstandigheden bepalen in welke mate zij meedelen in onze welvaart. 

Want er zijn inmiddels twee Nederlanden. Eén Nederland dat drijft op verworven welvaart en voorspoed. Het Nederland van miljoenen mensen die genoeg te eten hebben, fraai wonen, voldoende bezitten om onbezorgd te leven, het onderwijs genieten wat past bij hun talenten, hun geest rijpen aan kunst en cultuur, voor zichzelf op kunnen komen en worden gerespecteerd en gehoord. Dat is het Nederland dat onze voorouders van droomden. Het land dat zij met bloed, zweet en tranen hebben opgebouwd. De voorspoed waarop zij hoopten en waarvoor zij hebben gewerkt en gestreden.

Maar er is ook een ander Nederland. Een Nederland waarvoor onze voorouders zich nu diep zouden schamen. Waar hoop en voorspoed worden overschaduwd door wanhoop en tegenslag. In dat Nederland leven inmiddels meer dan een miljoen mensen van een inkomen onder de armoedegrens. In die situatie vragen mensen zich niet af waar we vandaag eens zullen gaan eten, maar of zij vandaag wel fatsoenlijk zullen eten. Of ze nog kunnen studeren, of ze naar de dokter kunnen, of ze hun rekeningen kunnen betalen en of ze nog werk hebben.

En nu is er een economisch crisis. Nederland vreest de gevolgen voor onze welvaart. Maar het betekent vooral dat een groeiend aantal mensen naar de rand van de hoop gedreven worden. Steeds meer verschoppelingen die met schaarse middelen moeten overleven, midden in een land vol materiële overvloed en rijkdom. De feiten tonen ons een tragische en onheilspellende realiteit. De crisis wordt afgewenteld op de mannen en vrouwen die zoeken naar banen die niet bestaan, naar kansen die niet worden geboden, naar de hoop die hen van alle kanten is ontnomen. Rutte II introduceert een nieuwe vorm van solidariteit, een omgekeerde solidariteit: om het voor iedereen die het tot nu toe makkelijk afging ook in deze moeilijke omstandigheden zo gemakkelijk mogelijk te houden, moeten zij die het al moeilijk hadden het nog moeilijker krijgen.

Om dat te rechtvaardigden vertelt Rutte iedereen een liberaal sprookje. Hij wil ons doen geloven dat je jezelf uit een moeras kunt trekken. Zelfredzaamheid is het liberale adagium. Maar Rutte vertelt dat verhaal alleen aan het Nederland van wanhoop. Hij weet dat het niet klopt. In het Nederland van voorspoed helpt hij zelfs noodlijdende banken met heel veel hulp, omdat zij zelfstandig ten onder zouden gaan. Hoezo zelfredzaamheid?

Wij socialisten, wij denken dat je een land sterker maakt met investeringen die de samenleving, het onderlinge respect en de saamhorigheid versterken. Wij geloven dat we met samenwerking en solidariteit weer kunnen opbouwen wat ons door marktwerking, concurrentie en egoïsme is afgenomen. “Samen de schouders er onder” is een veel betere filosofie dan “ieder voor zich”.

Ik geloof dat de tijd komt dat het regime van mensen die eerst voor zichzelf zorgen voordat ze voor anderen kunnen opkomen ten einde loopt. In mijn droom zie ik een samenleving met mensen die eerst en onvoorwaardelijk voor anderen opkomen voordat zij aan zichzelf denken. Van ministers, industriëlen en magnaten tot schoonmakers, bijstandsmoeders en mensen met een beperking.

Dus moeten we met alle krachten die we als samenleving kunnen mobiliseren armoede, uitsluiting en uitzichtloosheid bestrijden. De grote kloof tussen de beide Nederlanden, tussen overvloedige rijkdom en schrijnende armoede, is een bron van wanhoop, spanning en verbittering. Het brengt inmiddels duizenden op de been. Manifestaties en demonstraties die roepen en schreeuwen om hoop, kansen en werk. Het is de taal van hen die niet gehoord worden. Het geluid dat Nederland maar niet wil horen: het gaat hier met steeds meer mensen steeds slechter! Maar een groot deel van de gelukkige Nederlanders sluiten hun oren. Zij maken zich drukker over de dagelijkse files, hun tweede vakantie of hun belastingaangifte, dan de gelijke, rechtvaardige en menswaardige behandeling van iedereen in Nederland.

Maar ook daaraan komt een einde. Steeds meer mensen zullen hun oren openen. Met de tijd zal het geluid van de mensen aan de rand van armoede, aan het eind van de hoop, niemand meer ontgaan. Ik geloof dat goed georganiseerde en krachtig uitgevoerde, massale acties en protesten een krachtig wapen zijn in het herstellen van het bestaansrecht en zelfrespect van hen die we in armoede en tot wanhoop hebben gedreven.

We kunnen dus niet langer blijven zitten of het uitsluitend overlaten aan de regering of ons parlement. Ik kan betogen als deze schrijven, de wet- en regelgeving proberen te veranderen via een langdurig en vermoeiend traject, er over praten met vrienden, netwerken inschakelen en enquêtes en petities ondertekenen. Maar er is een gegeven: privileges worden nooit vrijwillig afgegeven.

De geschiedenis leert ons dat privileges slechts worden afgestaan als dat, via een doorgaans lange, soms tragische en turbulente weg, wordt afgedwongen. Zolang we denken dat de eerlijke en gelijke verdeling van onze welvaart een vanzelfsprekendheid is en door welke regering dan ook wordt voortgezet en uitgedragen, zal er niets gebeuren.

We zullen dus massaal en dwingend deze nood van onze samenleving onder de aandacht moeten brengen. Een nood die, zo massaal uitgesproken, de regering eenvoudig niet kan negeren.

Ik geloof dat die dag aanstaande is. Ik zal er staan met de werknemers van sociale werkplaatsen, met de werkelozen, met de werkenden die onderbetaald worden, met de armlastige ouderen, met mensen in de bijstand, met medewerkers uit de zorg, schoonmakers, huishoudelijke hulpen, onderwijzers, kinderverzorgers, vrijwilligers van vele maatschappelijke organisaties en alle mensen die de hoop bijna verloren hebben. We zullen er gesteund worden door steeds meer mensen uit het andere hoopvolle Nederland. Mensen die hun oren geopend hebben en zich willen inzetten voor de samenleving als geheel voor dat zij aan zichzelf denken.

Ik kijk uit naar die dag!

 

Martin Luther King: “Ieder die strijd voor gerechtigheid, kan niet verliezen.”

EU Acceptance Speech Nobel Peace Prize

In case I will be asked to represent the European Union in Oslo, this will be my speech (original text in Dutch)

——————————————————————————————————————–

Your Majesties, Your Royal Highness, Excellencies, distinguished members of the Nobel Committee, my fellow citizens of Europe and of the world,

 

On behalf of the 500 million inhabitants of the countries belonging to the European Union, I accept the Nobel Peace Prize 2012. I do this with pride. Nevertheless I’m mindful that in the European Union at this very moment more than 25 million people are out of work and 120 million people living in poverty. We know that their number is growing every day.

In recent weeks, hundreds of thousands of them marched in southern Europe for dignity, respect, reconciliation, and European solidarity; but their legitimate call was brutally answered with tear gas and the charge of riot police. I am here for them because the EU offers them no peace and no reconciliation. Instead, it shows them a lack of democracy and human rights. For them the EU offers hunger, cold, illness, and exclusion.

Therefore I have to ask you why this prize is awarded to the EU: the EU in which a large part of its population is compelled to bitterly struggle for its existence and livelihood, the EU that brought all these people no peace and no reconciliation, which is the essence of the Nobel Prize of peace.

In reading your motivation, I understand that this respected prize is given for the way we, influenced by the Cold War, are driven to cooperate. We exploited this long period of a strained and forced peace to move former foes to economic cooperation. In that sense it is indeed a hopeful development that we have reached an alternative for resolving our disagreements and conflicts. Although, unlike you, I do not say that we have played a crucial role in this development. But it is a fact that over the last 60 years we have known no armed war between the EU member countries.

Yet I have difficulty to award the absence of armed warfare exclusively within the borders of the EU. Maybe I am too hard on ourselves in the eyes of your Nobel Committee, but in recent decades the EU did not prevent violent war outside its borders. Our political and economic elite has even encouraged others and cooperated with them. Terrible wars have been fought close to our borders. Even in the past decades, despite the EU, Europe was not an exclusive continent of peace. Under our control and with our approval residents and EU companies have supplied the most terrible weapons to immoral leaders and regimes. While our acclaimed peace was cherished by you, we sent our troops into conflicts beyond our borders, we exploited the military violence and contributed significantly to this warfare in other parts of the world. It is in my eyes a dark side of this medal, which we cannot, which we will not erase.

Also, our (glorified by you) longterm European peace is not quite what it seems. Even though war between our countries is no longer waged with conventional weapons, in its place comes new means of coercion. Our European Commission now uses accumulated economic interdependence to put national governments under pressure by threatening significant financial consequences. This commission has managed to bring ruling governments under technocratic leadership. Commissioned by the European Commission, governments increased the effective pressure on their own population. Democratically acquired welfare is being moved backwards, step by step. In this battle, residents are also put under pressure and forced to participate in the intimidation and exclusion of their less fortunate fellow citizens. They do this to prevent the loss of their personal privileges, “No food, no peace,” says the protestors in Spain. “We are fighting for our lives,” scream the Greeks. I tell you, if this is our peace it deserves no prize.

Yet, despite these reservations, I accept this prize of peace because I believe in the future of Europe and all its inhabitants. I refuse to accept that we can only move on a path already paved. I refuse to believe that we are at the mercy of the whims of an indefinable ‘financial market’, that numbers are more important than people and that oppression, war and violence are inevitable. I refuse to accept that countries put their own material interests above the interests of man, that differences between people should lead to an uneven distribution of prosperity. And I refuse to accept that we, in Europe and in the World, could never live together in peace and tolerance.

I also refuse to accept the cynical view that we first have to walk through a deeper valley: that people first have to lose their means of existence and self-respect to build a new humane society. I refuse to accept that ultimately a violent revolution is necessary to recover civil rights in Europe.

I believe it should be possible to feed anyone who is hungry and to care for everyone who is in need. I believe that we can give everyone shelter and education, self-esteem and perspective. I believe that the regime of people who take care of themselves first, before they take care of each other, has come to an end. Now is the time of those who will take care of others first. I believe that what is torn down by selfishness and competition can be built up by solidarity and cooperation.

Today I come to Oslo as a representative of people living in the EU, inspired with faith in humanity. I accept this award on behalf of everyone who believes in a fair distribution of prosperity and social integration of all people. I know that this award is a tribute to the EU as a hopeful alliance of European countries. It might seem that an impersonal bureaucratic organization has received an award. But remember the simple fact that I (a casual Euro-critical citizen) stand here to receive this award and to speak to you, means that there is still hope for all people in Europe and the world.

If, at this moment and at this stage, powerful institutions and organizations do not give themselves or their mighty representatives a voice. And dare to give that voice to someone who expresses the injustice and suffering of the population. This is the next step to the end of injustice and the beginning of reconciliation and peace. 

 

(Thanks to Fleur and Janet from Canada for translation)

 

 

Acceptatiespeech Nobelprijs van de vrede

Voor het geval ik zou worden gevraagd de EU te vertegenwoordigen bij de acceptatie van de Nobelprijs van de vrede, heb ik alvast mijn acceptatie speech geschreven. Een goede voorbereiding is immers het halve werk.

Ik sta overigens open voor aanvullingen, suggesties of correcties. Schrijf daarvoor onderaan een reactie.

——————————————————————————————————————–

Uwe Majesteiten, Uwe koninklijke hoogheid, excellenties, vooraanstaande leden van het Nobelcomité, mijn mede inwoners van Europa en van de wereld,

 

Uit naam van de ruim 500 miljoen inwoners van de landen die deel uitmaken van de Europese Unie, accepteer ik de Nobelprijs voor de vrede 2012. Ik doe dat met trots maar wel in het besef dat op dit moment in de Europese Unie meer dan 25 miljoen inwoners werkeloos zijn en 120 miljoen mensen in armoede leven. En in het besef dat hun aantal nog elke dag groeit.

De afgelopen weken demonstreerden honderdduizenden van hen, met name in Zuid Europa, voor waardigheid en respect, voor verzoening en Europese solidariteit. Maar hun gerechtvaardigde oproep werd bruut beantwoord met traangas en charges van de oproerpolitie. Ik sta hier ook voor hen, al biedt de EU hen geen vrede en geen verzoening, toont hen gebrek aan democratie en aan mensenrechten. Voor hen betekent de EU honger, kou, ziekte en uitsluiting.

Daarom moet ik u vragen waarom u deze prijs toebedeelt aan de EU. De EU die een groot deel van zijn inwoners heden ten dage dwingt tot een bittere strijd om hun bestaansrecht en bestaansmiddelen. De EU die al deze inwoners geen vrede en verzoening heeft gebracht, hetgeen toch de essentie van de Nobelprijs van de vrede is.

Maar uit uw motivatie begrijp ik dat deze respectabele prijs ons is gegeven voor de wijze waarop we, daartoe aangezet door de Koude Oorlog, tot samenwerking zijn gedreven. Hoe we die lange periode van een gespannen en geforceerde vrede hebben benut om vijanden van weleer tot economische samenwerking te bewegen. In die betekenis is het inderdaad een hoopvolle ontwikkeling gebleken dat we een alternatief hebben ontwikkeld voor het beslechten van onderlinge meningsverschillen en conflicten. Al durf ik niet, zoals u, te beweren dat we daarin een bepalende rol hebben gespeeld. Maar het is een feit dat we de afgelopen 60 jaar tussen de aangesloten EU-landen geen gewapende oorlog meer hebben gekend.

Toch kost het me moeite om het ontbreken van gewapende oorlogen uitsluitend binnen de grenzen van de EU te prijzen. Misschien reken ik het me in de ogen van uw Nobelcomité te zwaar aan, maar de EU heeft in de afgelopen decennia gewelddadige oorlogshandelingen buiten zijn grenzen niet bepaald voorkomen. Onze politieke en economische elite heeft er anderen zelfs toe aangezet en er aan meegewerkt. Tot aan onze grenzen woedde vreselijke oorlogen. Zelfs Europa was de afgelopen decennia ondanks de EU niet uitsluitend een ‘continent van vrede’. Inwoners en bedrijven uit de EU hebben onder ons toezicht en met onze goedkeuring de vreselijkste wapens geleverd aan immorele leiders en regimes. Terwijl wij onze door u gelauwerde vrede koesterden, stuurden we onze legers naar conflicten buiten onze grenzen, exploiteerden wij het militaire geweld en verdienden fors aan het wapengeweld in andere delen van de wereld. Het is in mijn ogen een duistere kant van deze medaille, die we niet mogen, niet kunnen wegpoetsen.

Maar ook de door u geroemde langdurige Europese vrede is niet helemaal wat het lijkt. Weliswaar wordt de oorlog tussen onze landen niet meer gevoerd met conventionele wapens, maar daarvoor in de plaats zijn nieuwe dwingende middelen gekomen. Onze Europese Commissie benut inmiddels de opgebouwde onderlinge economische afhankelijkheid om, dreigend met forse financiële consequenties, nationale regeringen onder druk te zetten. Waar nodig heeft deze commissie regeringen aan de macht weten te brengen geleid door technocraten. Zij hebben in opdracht van de Europese Commissie doeltreffend de druk bij de eigen bevolking opgevoerd en draaien inmiddels, stap voor stap, de eerder via democratische weg verworven sociale voorzieningen terug. In deze strijd worden ook inwoners onder druk gezet om, ter bescherming van hun persoonlijke privileges, mee te werken aan het op straat zetten en uitsluiten van hun minder fortuinlijke landgenoten. “Geen voedsel, geen vrede” luidt het protest in Spanje. “Wij strijden voor ons leven” schreeuwen de Grieken. Ik zeg u: Als dit onze vrede is verdient zij geen prijs.

Maar toch, ondanks deze bedenkingen, aanvaard ik vandaag deze prijs van vrede omdat ik geloof in de toekomst van Europa en al zijn inwoners. Ik weiger te accepteren dat we alleen verder kunnen op een reeds ingeslagen weg. Ik weiger te geloven dat we overgeleverd zijn aan de grillen van een ondefinieerbare ‘financiële markt’, dat cijfers belangrijker zijn dan mensen en dat onderdrukking, oorlog en geweld onvermijdelijk zijn. Ik weiger te accepteren dat landen hun eigen materiële belangen boven het belang van mensen stellen, dat verschillen tussen mensen moeten leiden tot een ongelijke verdeling van onze welvaart. En ik weiger te accepteren dat we als Europeanen nimmer samen zouden kunnen leven in vrede en verdraagzaamheid.

Maar ik weiger ook de cynische zienswijze te accepteren dat we eerst door een dieper dal moeten. Dat mensen eerst hun bestaansrecht en zelfrespect moeten verliezen om een nieuwe menswaardige samenleving op te bouwen. Maar evengoed weiger ik te accepteren dat uiteindelijk een gewelddadige revolutie noodzakelijk is om dat recht in Europa te herstellen.

Ik geloof dat het mogelijk moet zijn om iedereen die honger heeft te voeden en iedereen die ziek is te verzorgen. Ik geloof dat we iedereen onderdak en onderwijs kunnen geven, eigenwaarde en perspectief. Ik geloof dat het regime van mensen die eerst voor zichzelf zorgen voordat zij voor anderen kunnen opkomen ten einde is. Het is de tijd van mensen die eerst en onvoorwaardelijk voor anderen, voor de samenleving opkomen, voordat zij aan zichzelf denken. Ik geloof dat wat met egoïsme en concurrentiestrijd is verdreven weer met solidariteit en samenwerking kan worden opgebouwd.

Vandaag kom ik naar Oslo als een afgevaardigde van mensen, inwoners van de EU, geïnspireerd en met vertrouwen in de mensheid. Ik accepteer deze prijs uit naam van iedereen die een eerlijke verdeling van onze welvaart voorstaat en een sociale integratie van alle mensen. Ik weet dat deze prijs een eerbetoon is aan de EU als hoopvol verbond van Europese landen. Het lijkt misschien dat daarmee een onpersoonlijke bureaucratische organisatie een prijs heeft gekregen. Maar bedenk dat alleen al het feit dat ik, een toevallige euro-kritische burger, hier sta om deze prijs in ontvangst te nemen en u allen hier toe te spreken, betekent dat er hoop is voor alle mensen in Europa en de wereld.

Als machtige instanties en organisaties, juist op dit moment, juist op dit podium, niet zelf of hun machtige vertegenwoordigers een stem geven. Maar die stem durven te geven aan iemand die het onrecht en de nood van de bevolking verwoord. Dan is de volgende stap gezet naar het einde van onrecht en het begin van verzoening en vrede.

Het Kunduz-reparatie-akkoord

Vandaag sloten de PvdA en VVD een deelakkoord. Goed nieuws voor studenten en forensen. De langstudeerboete (met terugwerkende kracht) en de forensentaks worden teruggedraaid, evenals het liggeld voor zieken en de eigen bijdrage in de geestelijke gezondheidszorg. Dat klinkt goed. Het nieuwe SP Tweede Kamerlid Arnold Merkies sprak dan ook van ‘goede besluiten’. 

Maar voor wat hoort wat. Dat wil zeggen; als je aan de begrotingsregels van “Brussel” wilt blijven voldoen. Daarom voeren de beide partijen het vitaliteitssparen (fiscaal voordelig sparen voor bijvoorbeeld vervroegd pensioen) niet in en verhogen zij de assurantiebelasting (onderdeel van verzekeringspremies) naar 21%. Zeker zo opvallend is de nog snellere verhoging van de AOW-leeftijd, om zo nog sneller van bezuinigingen op de AOW-uitkeringen te kunnen profiteren. 

Er is dus een verschuiving van de lasten van studenten en forensen naar verzekerden (per gezin zo’n € 100,- per jaar) en ouderen. Voor ouderen is het extra zuur dat de AOW leeftijd nog sneller wordt verhoogd. Zij die daarbij onverhoeds eerder buiten het arbeidsproces vallen, ondervinden als geen ander de gevolgen van dit akkoord. En dat is een aanzienlijke groep wanneer we bedenken dat nu al twee op de drie mensen tussen de 60 en 65 geen werk meer heeft.

Maar het meest opvallend is misschien wel wat er niet al te uitdrukkelijk in het deelakkoord staat. Zo is er een tegemoetkoming afgesproken voor ondernemers om de effecten van de BTW verhoging op korte termijn op te vangen. Dit moet betekenen dat de BTW-verhoging uit het Kunduz-akkoord nu ook dankbaar wordt overgenomen. Voor de VVD is dat niet vreemd, maar de PvdA sprak zich eerder juist uit tegen deze lastenverzwaring.

Het deelakkoord is daarmee vooral een Kunduz-reparatie-akkoord. Het impliceert dat de overige maatregelen uit dat akkoord (vooralsnog) geaccepteerd worden door beide onderhandelingspartijen.

Daartoe behoren de verhoging van het eigen risico in de zorg tot €350,-, een beperking van de hypotheekrenteaftrek voor nieuwe hypotheken en een versoepeling van het ontslagrecht. Stuk voor stuk slechte besluiten. Het feit dat deze niet in het deelakkoord staan kan maar twee dingen betekenen:

of beide partijen zijn het er nog niet over eens

of beide partijen zijn het met Kunduz eens

Hoewel ik graag zie dat mensen het met elkaar eens worden, hoop ik in dit geval dat beide partijen het hierover nog niet eens zijn geworden. Dan is er tenminste nog hoop op een eerlijker en socialer akkoord voor hen die afhankelijk zijn van zorg, voor de huizen kopers en huurders, voor iedereen die vreest voor zijn baan en voor de ouderen onder ons.

Zorgmedewerkers willen Roemer als premier

Ik kreeg dit toegestuurd:

Als het aan verpleegkundigen en verzorgenden ligt, komt er een links meerderheidskabinet. In de verkiezingspoll op Nursing.nl krijgen de linkse partijen 45 procent van de stemmen, op TvVonline.nl 51 procent. In het geval van Nursing zou dat goed zijn voor ongeveer 67 Kamerzetels.

Vooral de SP (Socialistische Partij) van Emile Roemer scoort goed in zowel de Nursing- als de TvV-peiling. Van de verpleegkundigen krijgt hij 23 procent van de stemmen, wat omgerekend 34 zetels voor de SP betekent. Van verzorgenden krijgt de SP maar liefst 31 procent van de stemmen. Dat is meer dan in de laatste landelijke peilingen, waar de SP volgens Maurice De Hond stemmen begint te verliezen aan de PvdA.

Zorgmeetlat
Deze uitslag komt redelijk overeen met de
peiling van beroepsvereniging V&VN (Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland). Daar scoort D66 het hoogste cijfer, maar gooit ook de SP hoge ogen met een 7. De PvdA, PVV, CDA en SGP bungelen wat V&VN betreft onderaan met een 5.

Christelijke partijen
De kleine christelijke partijen doen het goed bij verpleegkundigen en verzorgenden. Van de ChristenUnie krijgt 9 procent van de Nursing-stemmen en 8 procent van de TvV-stemmen. Daarmee scoren ze beide boven de landelijke peiling.

(Peildatum: eind augustus/begin september 2012. Aantal stemmen Nursing: 612 / Aantal stemmen TvV: 419)

Bron: Nursing / TvV
Door: redactie Nursing

Hoeveel politie is er nodig?

Ik zag vannacht de herhaling van DWDD. Een wat norse Peter R. de Vries onderwierp er Emile Roemer aan een soort kruisverhoor. Het ging over “ zijn”  terrein: veiligheid, justitie en politie. De vraag was hoe de SP al die mooie doelstellingen uit het programma wilde realiseren? Wist mijnheer Roemer wel hoeveel agenten daar extra voor nodig zijn? Waren het, zonder die noodzakelijke capaciteit, dan geen louter loze beloftes?

Roemer merkt zeer terecht op dat niet alle taken zich een op een laten vertalen in capaciteit. Bovendien voegt de SP daadwerkelijk 600 agenten toe aan de huidige capaciteit. Dat is wat anders dan er 3000 beloven en 0 leveren, zoals de VVD dat in 2010 nog deed.

Maar ergens heeft Peter R. de Vries natuurlijk een terechte vraag. Maar deze vraag louter en alleen stellen bij het SP-programma is weer misplaatst. Want eigenlijk moeten we constateren dat ook bij de andere partijen, ook de minister van V&J en zelfs in de politieorganisatie, niemand een goed beeld heeft van de noodzakelijke omvang van de politieorganisatie in relatie tot de opgelegde taken. Ook de bewering van de Vries dat er voor het SP programma 125.000 agenten extra nodig zijn is slechts een slag in de lucht.

Bij het ontwerp van de nieuwe Nationale Politie is dat zichtbaarder dan ooit. Gemakshalve wordt daar de beschikbare (operationele) capaciteit in 2011 (49.711 fte’s) als uitgangspunt genomen voor de capaciteit die nodig zou zijn binnen de Nationale Politie. Niet wat gedaan moet worden is het uitgangspunt, maar hoeveel capaciteit we hebben. Zo wordt bij de vorming van de Nationale Politie  dus niets gedaan aan de bestaande onderbezetting bij de basispolitiezorg, de noodhulp en de opsporing..

Het ontkoppelen van noodzakelijke politiecapaciteit en het beoogde takenpakket voor de politie is een algemene praktijk in de politieke arena. Demissionair minister Opstelten (VVD) voert het strikt door bij de Nationale Politie. Hoewel de huidige onderbezetting daar toch aanleiding toe zou kunnen geven, stelt geen enkel verkiezingsprogramma het takenpakket van de politie naar beneden bij.

Toch interessant om eens te kijken wat partijen dan wel doen aan deze structurele onderbezetting.

De SP voegt 600 extra medewerkers toe. Deze komen bovenop  de eerder genoemde 49.711 fte’s. Het is misschien niet afdoende om de huidige onderbezetting volledig teniet te doen, maar het is concreter dan in welk verkiezingsprogramma ook.

De VVD zegt extra geld “vrij te gaan maken” voor extra politieagenten en noemt een bedrag van 250 miljoen. Dat is het bedrag dat de vorming van de Nationale Politie moet gaan opleveren in 2017. Het is dus wederom een koekje van eigen deeg. De politie krijgt er straks niets bij, maar een voorgenomen bezuiniging wordt ongedaan gemaakt.

De PvdA wil meer blauw op straat, maar gelooft dat dat kan door louter en alleen  “bureaucratie te schrappen”. Een schromelijk overschat effect van on-bureaucratisering. Dat moet natuurlijk ook gebeuren maar zal de onderbezetting nauwelijks bestrijden.

De PVV zegt weinig over de achterliggende maatregelen maar lijkt met ‘meer blauw op straat, minder achter het bureau’ de PvdA te volgen in het oplossen van de huidige onderbezetting.

Maar daarnaast is het van belang om te kijken welke ruimte wordt gegeven aan preventief optreden ten opzichte van repressief optreden. Een extra inzet op preventie zal immers de aanspraak die gedaan wordt op met name de basispolitiezorg en de noodhulp, waar de onderbezetting nu het grootst is, kunnen helpen verminderen.

De SP organiseert daartoe de politie op wijkniveau en maakt de wijkagent de regisseur van alle politietaken in die wijk. Het biedt ruimte voor preventief optreden, maar indien noodzakelijk kan opgeschaald worden tot meer repressief handelen.

De VVD wil de politie gaan afrekenen op resultaten. Dat kan natuurlijk alleen als er resultaten te meten zijn. Maar preventieve activiteiten laten zich niet eenvoudig vertalen in resultaten. Het resultaat van een wijkagent of buurtregisseur die een ronde in een wijk maakt en daar – alleen al door zijn of haar aanwezigheid – diverse brandjes vroegtijdig blust en verdere escalatie voorkomt, is moeilijk vast te stellen. Voor een beter meetbaar resultaat kan de wijkagent het beter uit de hand laten lopen zodat er vervolgens diverse meldingen of aangiftes gedaan kunnen worden. Die kunnen we namelijk wel tellen. De inzet van de VVD betekent dus meer repressie met dito meer werk en druk op de bezetting.

De PvdA zet de politie vooral in bij ernstige overlast en criminaliteit. Wat dat precies betekent is onduidelijk maar het klinkt alsof er vormen van overlast zijn waarbij de politie niet in actie komt. Voor preventieve taken moet de politie tot in de haarvaten van de samenleving te opereren. De politie weghouden van sluimerende overlast situaties tast in zekere zin dus ook de mogelijkheid tot tijdig preventief ingrijpen aan.

De PVV heeft weinig op met preventie. De “geitenwollen sokken” benadering wordt taboe. De PVV trekt bovendien de 500 animal cops weer uit de totale sterkte.

De conclusie mag zijn dat geen van de partijen er zorg voor heeft gedragen de ambities op het terrein van politie, tevens te voorzien van afdoende politiecapaciteit. Dat is helaas de politieke praktijk.

De SP levert daarbij wel de meest concrete bijdrage aan de groei van de capaciteit en staat bovendien een meer preventieve werkwijze voor. Tel daarbij op de middelen die de SP reserveert voor het extra belonen van politiemedewerkers en ik mag zomaar veronderstellen dat het programma van de SP voor heel wat rust kan zorgen in een politieorganisatie die zich omvormt tot Nationale politie.

Ik hoop er zelf mijn steentje aan bij te mogen dragen. Al moet ik dan natuurlijk wel gekozen worden, morgen.

Stem dus SP. En desgewenst nr.22.

De Grote Meneer Kaktus Show

Mijn moeder zei altijd: schelden doet geen pijn. Dat klopt. Je kunt het gewoon negeren. Het is immers vaak een teken van onmacht en frustratie. Dat zal nu ook wel het geval zijn bij al die zwartmakerij van Rutte. Bij dergelijk geroeptoeter gaat het om de vorm en wordt natuurlijk een loopje genomen met de waarheid. Het was variété, geen doorwrochte analyse.

Maar nuance is uiteindelijk wel van belang. Je kunt je stem immers niet baseren op deze act. Het deed me denken aan de Grote Meneer Kaktus Show: “Ik vraag het nog een keer. Dat kan beter….! Zijn jullie er klaar voor?”. En wat zegt deze Meneer Kaktus dan? Meneer Kaktus zegt … Oh Jee! De socialisten komen eraan. Dat is natuurlijk super eigenwijs en verdient een “Prik van de Kaktus”. Lachen!

Rutte probeerde op sprookjesniveau duidelijk te maken dat socialisten slecht zijn. Er bleef de socialisten niets bespaart. Pas op! Het zijn de socialisten die jouw blokkentoren afbreken, omdat ze vinden dat de hele klas met de blokken mag spelen. Dat zou betekenen dat je nooit meer een echt hoge toren kunt bouwen en dat willen jullie toch niet? Prik, prik, prik!

De verleiding is groot om eenzelfde waslijst van kwaadsprekerij over liberalen op te gaan hangen. Ook dat is immers kinderlijk eenvoudig. Maar ik houd het bij een typerende uitspraak van Rutte tijdens zijn show. Hij zei iets over het wezenlijke verschil tussen de socialisten en liberalen: “Ligt het geluk in de overheid of ligt het geluk in de mensen? Voor ons is het zonneklaar, het geluk dat ligt in jezelf!”. Zelfs als de liberaal mag kiezen tussen overheid of samenleving (de mensen), kiest hij voor zichzelf.

Echt Meneer Kaktus: een applaus voor …. jezelf!

Ter illustratie: http://youtu.be/LZORz6OkphI